Inaugural lecture Monika Baár (Leiden University) – ‘Disabling the Iron Curtain’

Disabling the Iron Curtain
An Alternative Perspective on (Central) Europe

14 December 2018
16:00 – 17:00
Academiegebouw Leiden (Rapenburg 73)

The Iron Curtain has become one of the most powerful and persistent metaphors in European historiography. But is it also an accurate notion? Huizinga member Monika Baár will argue in her inaugural lecture that time has come to go beyond Cold War binaries and biases. By taking as its vantage point the history of an understudies group – persons with disabilities – it will propose an alternative way for studying postwar European history. Revisiting the Iron Curtain through this new lens, the lecture will reveal that often what connected people across both sides of the Iron Curtain was way more significant than what divided them.

Registration via this link.

Bijeenkomst projectgroep Egodocumenten met Dirk Schoon en Annette Faber

Vrijdag 9 november 2018
14:00 – 17:00 (inloop vanaf 13:30)
Amsterdam, Roeterseiland (gebouw J/K, zaal 3.50)

Lezingen

Dirk Schoon
Hollanders in de Eeuwige Stad, 1300-1703
Het verblijf van apostolisch vicaris Petrus Codde en het proces dat daar tegen hem werd gevoerd volgens de dagboeken van hemzelf en zijn reisgenoten.

Annette Faber
Elise van Calcar en haar (autobiografische) geschriften (als bronnen in het kader van haar biografie).

Inlichtingen

Rudolf Dekker
Van Breestraat 116
1071 ZV Amsterdam
Tel.020-6719651

 

Oratie – Prof. dr. Lotte Jensen

Vrijdag 2 november 2018 om 15.45 uur
Aula Radboud Universiteit Nijmegen

Prof. dr. Lotte Jensen, hoogleraar aan de Radboud Universiteit / Faculteit der Letteren met de leeropdracht Nederlandse
literatuur- en cultuurgeschiedenis en staflid van het Huizinga Instituut, zal in een
academische zitting op vrijdag 2 november 2018 om
15.45 uur precies haar ambt aanvaarden, met het
uitspreken van haar rede getiteld:

Wij tegen het water
Een eeuwenoude strijd

De rector magnificus nodigt u uit deze academische
plechtigheid bij te wonen. De oratie vindt plaats in
de Aula van de Radboud Universiteit. Aansluitend
wordt een receptie gehouden.

U kunt zich aanmelden tot 22 oktober a.s. via
www.ru.nl/jensen
Na uw aanmelding ontvangt u enkele dagen voor
de oratie een toegangsbewijs. Op vertoon hiervan
heeft u toegang tot de zaal.

Bijeenkomst Projectgroep Egodocumenten

Vrijdag 18 mei 2018 – 14.00-16.30
COMM – Museum voor Communicatie
Zeestraat 82, 2518 AD Den Haag

De bijeenkomst vindt plaats in Den Haag, in het Museum voor Communicatie (vroeger PTT-museum), waar Pieter Stokvis een lezing houdt over zijn nieuwe boek, dat onder meer gebaseerd is op de in het museum bewaarde brieven.

Programma

14.00
Opening

14.15
Lezing Pieter Stokvis, “Brieven als bron”

14.45
Presentatie Poste restante 1780-1920 van Pieter Stokvis (uitgeverij Aspekt)

14.50
Koos Havelaar of Ruben Verwaal over De Brienne collectie en brievencollecties in het museum

15.00
Thee en koffie

15.30
Rondleiding

16.30
Sluiting

Informatie en aanmeldingen

Rudolf Dekker
Email: rdekker123[at]gmail.com
Website: www.egodocument.net

Bijeenkomst Projectgroep Egodocumenten

Vrijdag 23 februari 2018 – 14.00-17.00
Universiteitsbibliotheek – Potgieterzaal
Singel 425 1012 WP Amsterdam 

Lezingen:

Fred Lotgering
De levensgeschiedenis van een Nederlandse kinderemigrant naar Zuid-Afrika in de 19e eeuw’ . De autobiografie van Gerrit Lotgering (1844-1928).

Coen van ‘t Veer
‘Narud, de Maleijer’, G.W.H. Panchauds sensatieroman Licht- en schaduwbeelden uit het hedendaagsch Amsterdam (1878-1881) en de eerste Indonesische held uit de Indische letterkunde.

Rondvraag

Borrel

***

Informatie en (niet verplicht) aanmelden:

Rudolf Dekker
Email: rdekker123[at]gmail.com
Website: www.egodocument.net

 

 

Bijeenkomst Netwerk Oral History – Beklemd in de scharnieren van de Tijd

Datum: 19 januari 2018
Tijd: 15.00-17.00 uur, aansluitend borrel
Locatie: Oost-Indisch Huis – E0.14C, Kloveniersburgwal 48, Amsterdam
Registratie gewenst: huizinga-fgw@uva.nl
De voertaal van de middag is Nederlands

Het Netwerk Oral History nodigt U allen uit voor een presentatie van het onderzoek ‘Beklemd in de scharnieren van de Tijd’, Beleid, praktijk en ervaringen van afstand ter adoptie door niet gehuwde moeders in Nederland tussen 1956 en 1984. Onder leiding van prof. Jan de Kok werkte een groep onderzoekers in de winter 2016/2017 aan dit onderzoek in opdracht van het Ministerie voor Veiligheid en Justitie.

Zij maakten gebruik van interviews en wij vroegen hen waarin en hoe de informatie anders was dan die van geschreven stukken die ook werden onderzocht. Dit is bij uitstek een gelegenheid voor onderzoekers die aarzelen of zij zullen gaan interviewen om zicht te krijgen op de afweging.

De informatie in het rapport geeft een goed beeld van de veranderende moraal ten aanzien van vrouwen die vaak jong, al dan niet gedwongen werden hun kind af te staan. Hoe kijken zij daarop terug, hoe ging dat en hoe verwerkten zij wel of niet hun gemis?

Sprekers: Evelien Walhout (UvL), Jacques Dane (Onderwijsmuseum), Yuliya Hilevych (RUN)
Voorzitter: Saskia Moerbeek van de Stichting Bevordering Maatschappelijke Participatie, en initiatiefneemster van een nieuw project dat de krachten op het terrein van oral history wil bundelen. Zij zal een 10 minuten durende toelichting daarop geven.

Het rapport  is te downloaden via deze link.

Wij zullen proberen te inventariseren of andere mensen de komende tijd hun werk willen bespreken.

Bijeenkomst Netwerk Oral History – Truska Bast

Truska Bast – Uw wil geschiede, kinderen op katholieke kostscholen

Datum en tijd: 8 dec 2017, 15-18 uur
Locatie: Binnengasthuis 2 (BG2 zaal 0.08 ) Turfdraagsterpad 15-17, Amsterdam
Voorzitter: Marie Louise Janssen (FMG-UvA)
Registratie gewenst: huizinga-fgw@uva.nl
Deze bijeenkomst is ook toegankelijk voor mensen die geen lid zijn van de werkgroep.

Op 8 december om 15 uur houdt Truska Bast een inleiding over haar onlangs verschenen boek: Uw wil geschiede, kinderen op katholieke kostscholen (Uitg. Querido)

De levens van tienduizenden katholieke kinderen veranderden op slag toen hun ouders besloten om hen naar kostschool te sturen. Kinderen van soms pas negen of tien jaar oud kwamen terecht in een systeem dat draaide om gehoorzaamheid. De persoonlijke verhalen in dit boek – verhalen van mannen en vrouwen die tussen pakweg 1945 en 1970 onder de hoede van religieuzen werden gesteld – maken duidelijk hoe in dat kleine, gesloten universum macht en misbruik van macht hand in hand konden gaan. Sommigen werden er voor het leven getekend; voor anderen betekende kostschool een grote stap voorwaarts. Het een kon naast het ander bestaan. Maar uit dit boek blijkt nog iets anders: hoe verhalen mensen in staat stellen betekenis te geven aan ingrijpende gebeurtenissen en, misschien nog wel belangrijker, te laten zien wie zij uiteindelijk zijn geworden.

Het boek is zo belangrijk omdat het niet alleen nieuw materiaal presenteert, maar omdat de auteur laat zien hoe ze de informatie context heeft geprobeerd te geven. Ze heeft daarbij veel moed om de informatie uit interviews te analyseren en van kritisch commentaar te voorzien.

 

Uitg. Querido – Uw wil geschiede

Lecture – Professor Nigel Smith (Princeton University)

Golden Age Seminar

Public Spheres in the Tri-State-Zone: Batavo-Anglo-Franco Literary Politics, c. 1630-1680

Date: 12 December 2017
Time:
15:30-17:00
Venue:
University of Amsterdam Bushuis – VOC zaal, Kloveniersburgwal 48, Amsterdam
More information: via ACSGA –  http://acsga.uva.nl/

This lecture will discuss the nature of the 17th-century literary public spheres in different places, and their mutual relationships. Did the cities of Holland, especially Amsterdam, enjoy a different quality of public sphere than London, Paris or Madrid?  How did traveling writers experience the public spheres of their host countries?  How were geographic and language borders crossed in poetry and drama, for instance by poets writing in one language on a political theme but far from home in the territory of another tongue?  

Howsoever they were contested, plays in the public theater engaged with sharp political controversies in the Netherlands, matters usually discussed in pamphlets in England, with rare exceptions in the theatre. Beyond the praise offered to monarchs in masques or ballets, what kind of politics did English or French drama offer?  Did Dutch poetry participate in a public discourse that tolerated a measure of political difference where English poetry could only support the regime, or circulate as surreptitious, anonymous dissent, and where much poetry still occupied its traditional role as handwritten tokens in elite politics and diplomatic exchange?  We will, furthermore, explore the mutually hostile poetry of the Second Anglo-Dutch War for the quality of the verse and for evidence that it expressed distinctive political theory.  Finally, what of one of poetry’s special provinces – its delight in articulating sexuality – in relation to politics?  In short, if the nationalistic bonds of vernacular literary canons constructed in the 19th century are loosened, how can we meaningfully compare Vondel, Corneille and Milton, Lucy Hutchinson and Maria Tesselschade Roemer Visscher?

Nigel Smith is William and Annie S. Paton Foundation Professor of Ancient and Modern Literature at Princeton University. He previously taught at the University of Oxford. He has published mostly on early modern literature, especially the seventeenth century; his work is interdisciplinary by inclination and training. In his forthcoming Polyglot Poetics: Transnational Early Modern Literature he explores the migration of literature and writers across political and linguistic borders in early modern Europe. The Dutch Republic is a central component of this work. Some other publications are: Andrew Marvell: The Chameleon (Yale UP, 2010; a TLS ‘Book of the Year’ for 2010), Is Milton better than Shakespeare? (Harvard UP, 2008), the Longman Annotated edition of Andrew Marvell’s Poems (2003, 2007; a TLS ‘Book of the Year’ for 2003), Literature and Revolution in England, 1640-1660 (Yale UP, 1994) and Perfection Proclaimed: Language and Literature in English Radical Religion 1640-1660 (Oxford UP, 1989).

Bijeenkomst Projectgroep Egodocumenten

Datum: Vrijdag 20 oktober 2017
Locatie
: Universiteitstheater, Zaal 1.01A. Nieuwe Doelenstraat 16, 1012 CP Amsterdam
Tijd: 14.00-17.00 Aansluitend borrel

Lezingen:

  • Hugo Landheer, Dutch Navy Life. De marine in de Bataafs Franse tijd aan de hand van brieven en documenten.
  • Alle de Jonge, Who’s Who’s in Nederland 1902-1994.

Rondvraag

Borrel

***

Informatie en (niet verplicht) aanmelden:
Rudolf Dekker
Email: rdekker123[at]gmail[dot]com
Website: www.egodocument.net

Leonor Álvarez Francés winnaar Essayprijs Huizinga Instituut 2016

In welke opzichten zijn de cultuurwetenschappen gebaat bij digital humanities? Is de aandacht voor big data een voorbijgaande hype of zullen de cultuurwetenschappen door deze nieuwe technologie werkelijk van karalter veranderen? Zullen technologische ontwikkelingen de huidige disciplinaire scheidslijnen in de cultuurwetenschappen veranderen en in hoeverre achten wij die verandering wenselijk? Het Huizinga Instituut heeft in juli 2016 een essaywedstrijd uitgeschreven over ‘nieuwe technologie en de cultuurwetenschappen’, waarbij stafleden en promovendi werden uitgenodigd over bovengenoemde vragen te reflecteren. Op 15 september 2016 waren er in totaal vier inzendingen ontvangen.

De jury, bestaande uit Prof. dr. Rens Bod (UvA) en Prof. dr. Jan Hein Furnée (RU) namens de Adviesraad en Milou van Hout MA (UvA) namens de Promovendiraad, heeft de inzendingen met veel belangstelling gelezen en spreekt graag haar grote waardering uit over de wijze waarop de vier auteurs de opdracht elk op hun eigen wijze en ook eigenwijs hebben ingevuld. Het is de geslaagde combinatie van vorm en inhoud, originaliteit en geïnformeerdheid die de jury heeft doen besluiten om het essay van Leonor Álvarez Francés te bekronen met de Essayprijs van het Huizinga Instituut 2016.

Leonor Álvarez Francés, ‘Als een fraai essay’

Leonor Álvarez Francés vertrekt vanuit haar persoonlijke ervaring: als achtjarig kind maakte zij via de digitale encyclopedie Encarta kennis met de wereld en de vele dwarsverbanden die zij in de kennis over de wereld zelf kon trekken. Álvarez Francés zet haar verkenning voort met een evenwichtige uiteenzetting over de mogelijkheden en beperkingen van grote databestanden, waarbij zij op inzichtelijke wijze put uit persoonlijke ervaringen en vrij brede kennis van het vakgebied. Zeer verfrissend is haar oprechte verbazing over de angstreactie die de digital humanities onder sommige cultuurhistorici heeft losgemaakt: waar is dat gevoel van onzekerheid en bedreiging op gebaseerd? Álvarez Francés stelt nuchter vast dat de beschikbaarheid van grote databestanden en digitale tools een aantal traditionele onderzoeksmethodes een stuk sneller en efficiënter hebben gemaakt en hun bewijskracht hebben vergroot. Maar ook dat een netwerkvisualisatie soms meer een (dure) schijn van harde kennis biedt dan diepgaand inzicht. Om ten slotte met enkele goed getroffen voorbeelden duidelijk te maken hoe men langs deze weg wel degelijk interessante nieuwe inzichten kan verwerven die men zonder grote databestanden en -visualisaties waarschijnlijk niet op het spoor zou zijn gekomen. Hoewel het essay nog meer aan kracht had kunnen winnen door een evenwichtiger bespreking van de verhouding tussen digitale databases en digitale tools, maakt Álvarez Francés overtuigend duidelijk dat elke framing van de discussie over digital humanities in termen van voor- en tegenstanders misschien wel vooral gemakzuchtig is en de wetenschap niet verder brengt. Door in haar slotpassage weer terug te komen op haar ervaring als achtjarige wereldverkenner bewijst zij het genre van het essay goed te beheersen.

De prijs, een cheque van €1000,-, wordt op 14 december aanstaande door de voorzitter van de jury, Jan Hein Furnée, uitgereikt aan Leonor Álvarez Francés. Haar essay is voorgedragen voor publicatie in het Tijdschrift voor Geschiedenis.

Oration Fokko Jan Dijksterhuis – Thinking about knowledge in the early modern period

3 March 2017, 15:45
Aula VU University Amsterdam
“Werelden van Vernuft. Denken over Kennis in de Vroegmoderne Tijd”

 

History of Knowledge investigates how science and technology develop within broad cultural contexts. The roots of our modern knowledge society are in the early modern period. The scientific and industrial revolutions, and the Enlightenment lay the foundations of modern science and technology and our conceptions of knowledge. When tracing these developments to their roots, one enters fascinating worlds of ingenious inquirers and often peculiar ideas.  Huizinga Institute’s staff member Fokko Jan Dijksterhuis will give his inaugural lecture on the acceptance of his office as extraordinary professor of Early Modern History of Ideas, in particular History of Knowledge.

In early eighteenth-century Amsterdam the interest of citizens in arts and sciences was growing. A market developed for lectures with experimental presentations, publications on the latest discoveries, instruments to measure the weather, the body, and all. At the same time one looked for means to make such knowledge useful for new products and societal improvement.

In this world an instrument maker like Daniël Gabriël Fahrenheit (1686-1736) could flourish. He played a key role in the development of the thermometer: his instruments were the most accurate and reliable of the eighteenth century. In this way he lay a foundation for the culture of measurement. He also drew light from his barometers, thus feeding the ideas that light, heat, and electricity are chemical substances. History of Knowledge aims to understand how our modern conceptions of science evolved out of such mixtures of strange and familiar views.

The chair has been created by the Dr. C. Louise Thijssen-Schoute Stichting.

Joris Oddens wint Dirk Jacob Veegensprijs

In het historische Hodshon Huis te Haarlem heeft Joris Oddens op dinsdag 27 september de Dirk Jacob Veegensprijs in ontvangst genomen. Hij heeft deze prijs gekregen voor zijn gepubliceerde werk en in het bijzonder voor Pioniers in schaduwbeeld. Het eerste parlement van Nederland 1796-1798. Dit proefschrift over de politieke cultuur van de wetgevende vergaderingen ten tijde van de Bataafse Republiek schreef Oddens terwijl hij als promovendus was verbonden aan het Huizinga Instituut. Hij verdedigde het in 2012 aan de Universiteit van Amsterdam en ontving er eerder (ex aequo met Mart Rutjes) de dissertatieprijs van het Amsterdamse Instituut voor Cultuur en Geschiedenis voor. De handelseditie van het proefschrift is verschenen bij Uitgeverij Vantilt.

De D.J. Veegensprijs is een tweejaarlijkse prijs die wordt verleend ter bekroning van oorspronkelijk onderzoek op het gebied van de economische, politieke of sociale geschiedenis. Het gaat hierbij om onderzoek dat vanuit historisch perspectief bijdraagt aan een dieper inzicht in ontwikkelingen die voor Nederland in de huidige tijd relevant zijn. De prijs is een gezamenlijk initiatief van de Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen en de Stichting Fonds voor de Geld- en Effectenhandel.

Oddens werkt momenteel aan de Universiteit Leiden als docent en postdoctoraal onderzoeker binnen het project The persistence of civic identities in the Netherlands, 1747-1848. Hij richt zich in dit project vooral op de geschiedenis van verzoekschriften en petities in de overgang van de Republiek naar het Koninkrijk der Nederlanden.

Essayprijsvraag Huizinga Instituut

ESSAYPRIJSVRAAG

Nieuwe technologie en de cultuurwetenschappen

Het Huizinga Instituut schrijft dit jaar voor de eerste maal een essayprijsvraag uit. Alle bij het Huizinga Instituut aangesloten promovendi en stafleden (met uitzondering van de juryleden) kunnen een essay in het Nederlands insturen van circa 2500 woorden. Voor de winnaar is er, naast een geldsom van €1000,- (duizend euro), een beloning in de vorm van de publicatie van het essay in het Tijdschrift voor Geschiedenis.

Het essayonderwerp is: ‘Nieuwe technologie en de cultuurwetenschappen’. In zijn In de schaduwen van morgen repte Johan Huizinga al van het oppervlakkige optimisme van onze voorouders, die aan het geometrische begrip ‘vooruit’ de verzekering van ‘bigger and better’ verbonden. Vooruitgang is een hachelijk ding, aldus Huizinga: ‘Het kan immers zijn dat er ietwat verder op het pad een brug is ingestort of een aardspleet ontstaan.’

In welke opzichten zijn de cultuurwetenschappen gebaat bij digital humanities? Is de aandacht voor big data een voorbijgaande hype of zullen de cultuurwetenschappen door deze nieuwe technologie werkelijk van karakter veranderen? Zullen technologische ontwikkelingen de huidige disciplinaire scheidslijnen in de cultuurwetenschappen veranderen en in hoeverre achten wij die verandering wenselijk? En welke mogelijkheden bieden de nieuwe technologieën bij de dialoog met ons publiek? Met andere woorden: hoe kunnen we techniek voor ons kunnen laten werken in de cultuurwetenschappen en hoe groot is het gevaar dat techniek tegen ons gaat werken?

U kunt uw essay tot en met 15 september 2016 per email sturen naar huizinga-fgw@uva.nl o.v.v. ‘Essayprijsvraag 2016’. De jury zal bestaan uit de leden van de Adviesraad en een lid van de Promovendiraad van het Huizinga Instituut. Eind oktober 2016, tijdens de maand van de geschiedenis (thema ‘grenzen  maken, veranderen, verleggen, bewaken en oversteken’), zal de essayprijs uitgereikt worden.

Tijdschrift voor Geschiedenis is een academisch, peer-reviewed tijdschrift. De redactie behoudt zich het recht voor om (in overeenstemming met de auteur van het winnende essay) wijzigingen aan te brengen wanneer ze dat nodig zou achten.