Bijeenkomst Werkgroep Oral History – 13 juni 2019

Bijeenkomst Werkgroep Oral History – 13 juni 2019

 

De Werkgroep Oral History van het Huizinga Instituut is terug van weggeweest en organiseerde op 13 juni 2019 een bijeenkomst over de stand van zaken en nieuwe plannen rond oral history. Vijf oral historians van diverse pluimage vertelden in een korte presentatie waar ze mee bezig zijn. Vervolgens vond een rondetafeldiscussie plaats met oud-deelnemers aan de Huizinga Oral History Course van Selma Leydesdorff. Daarnaast was er veel ruimte voor discussie en netwerken.

 

Datum en tijd: Donderdag 13 juni 2019, 14.00-16.00u (13.30u inloop), en aansluitend borrel.

Plaats: Utrecht, Drift 25, zaal 1.02.

 

 

Programma:

13.30    Inloop met koffie en thee

14.00    Welkom door Dienke Hondius

14.10    Korte inleiding over de stand van zaken m.b.t. Oral History door Barbara Henkes

14.30    Vijf korte presentaties van oral historians over praktische, inhoudelijke en technische aspecten van oral history in de huidige praktijk (zie hieronder). M.m.v. Cora Laan, John Exalto, Hüsnü Yegenoglu, Jan Bleyen en Arjan van Hessen. [Klik op de onderstreepte titels hieronder om de beschikbare presentaties te downloaden]

15.30   Rondetafeldiscussie met oud-deelnemers aan de Huizinga Oral History Course van Selma Leydesdorff: “(Hoe) heeft oral history jouw manier van geschiedbeoefening beïnvloed?”. Deelnemers: Marleen van den Berg (UvA/NIOD), Frederique Demeijer (VUA), Irene Geerts (OU), Nawal Mustafa (VUA) en Catherina Wilson (UL).

16.00    Afsluiting en borrel

 

Korte beschrijving presentaties:

Oral history in de klas

Cora Laan, Docent Geschiedenis/History Groen van Prinstererlyceum, Vlaardingen

 

Mondelinge geschiedenis heeft geen structurele plaats in het geschiedenisonderwijs in Nederland. Deze presentatie geeft een verslag van een oral history-project over verzuiling en ontzuiling voor leerlingen in vwo-5. Vooraf kregen de leerlingen les over verzuiling en instructie over hoe je interviewt. Hoe zorg je ervoor dat iemand zijn eigen verhaal vertelt en hoe check je of dat verhaal betrouwbaar is? Leerlingen oefenden in het gebruik en de waardering van bronnen. Het interview werd gefilmd of er werd een geluidsopname gemaakt. In het uiteindelijke verslag was de analyse een belangrijk onderdeel. Het bleek dat de leerlingen het interviewen in eerste instantie spannend, maar uiteindelijk erg leuk vonden.

 

Oral history en de levensloop van het kind

John Exalto, Vrije Universiteit Amsterdam (m.m.v. Floris van Berckel Smit, VU)

 

De naoorlogse geschiedenis van opvoeding, onderwijs en jeugdzorg is slecht ontsloten. Diverse archieven zijn verdwenen, berusten in onbekende staat bij instellingen of zijn slechts fragmentarisch overgeleverd. Oral history kan helpen deze geschiedenis verder te ontsluiten en kantelt bovendien het perspectief van de instelling naar de levensloop van het kind, waardoor ons inzicht in doelen en opbrengsten van pedagogisch handelen wordt verdiept.

 

De betekenis van ruimte en plaats in oral history

Hüsnü Yegenoglu, TU Eindhoven

 

In de sleutelwerken binnen de oral history is ruimte onbetwistbaar, maar dan vooral als de fysieke achtergrond van sociale en maatschappelijke structuren, individuele en sociale handelingen, politieke symbolen en politieke ideologieën. Dat verklaart ook waarom in deze werken ruimte niet als een esthetisch, cartografisch of morfologisch, maar vooral als een sociaal en historisch geconstrueerd fenomeen wordt gezien. In mijn pitch wil ik vooral de mnemonische betekenis van ruimte voor individuele en collectieve herinneringen zo precies mogelijk bespreken. Hiermee tracht ik een lacune in de orale geschiedbeoefening te vullen door de betekenis van ruimte bij het interpreteren van herinneringen een centrale positie te geven.

 

Over transcriberen

Jan Bleyen, KU Leuven, faculteit Architectuur 

 

Onvermijdelijk gaat er tijdens het transcriberen een en ander verloren, maar komen er ook nieuwe elementen bij. In uitgeschreven vorm neemt het verhaal minder op, maar ook méér. Elke transcriptie zit boordevol interpretaties en representaties, net als de vertelling zelf die we willen weergeven. Wat je ‘vertaling’ van het mondelinge (en dus vluchtige) vertellen naar het schriftelijke (en dus vaste) verhaal goed maakt hangt af van je doelstelling: ben je een bron aan het maken voor later gebruik of wil je zelf als onderzoeker aan de slag met het transcript? Ben je geïnteresseerd in het verhaal als verhaal of ligt je belangstelling eerder bij de inhoud dan bij de vertelwijze? In ieder geval is het belangrijk duidelijk te maken hoe je te werk gaat. Niet alleen het behoud van betekenis, zoals jij die tenminste hoort en interpreteert, is cruciaal, maar ook het behoud van het mondelinge karakter in de tekst. Omdat de lezer het moet stellen met een tekst, kun je die tekst inderdaad best zo goed mogelijk laten ‘spreken’.

 

Automatische spraakherkenningstechnologie

Arjan van Hessen, Universiteit Utrecht/UTwente/Clariah /Telecats (m.m.v. Max Broekhuizen, VU)

 

Automatische transcriptie wordt al een tijd gezien als dé oplossing voor het tijdrovende handmatige transcriberen van gesproken content. Mits de kwaliteit van geluidsopname goed is, de sprekers niet te veel door elkaar praten en de gesproken spraak redelijk (grammaticaal) correct is (d.w.z. enigszins vloeiende zinnen), dan kan de automatische spraakherkenning (ASR) zinvol worden ingezet. Het voordeel van het gebruik van ASR is dat extra informatie verkregen wordt: pauzes tussen de woorden, amplitudeverloop. Doordat er bovendien een directe link is tussen het woord (tekst) en de spraak (audio) kan op ieder moment naar de oorspronkelijke opnamen gesprongen worden, waardoor de onderzoeker ook kan horen hoe iets gezegd werd. Hoewel de herkenning van de emotie van de spreker nog niet helemaal uitontwikkeld is, kan tegenwoordig ook automatisch een emotieschatting verkregen worden, hetgeen weer extra mogelijkheden biedt. Zeker als het om grote hoeveelheden materiaal gaat.

In de lezing zal verder worden ingegaan op de mogelijkheden die de huidige spraakherkenning biedt voor het transcriberen van gesproken content, de zaken die (nog) niet gaan en (kort) op dingen die je kunt doen wanneer je eenmaal (redelijk) goede transcripties hebt.